Boekbesprekingen
 
Titel: Sachkundenachweis
Uitvoering: 576 pag., A4, losbladig in vierringsband
Uitgever: VDA & DGHT, in de handel via Verlag Eugen Ulmer
ISBN: 3 9806577 1 X
Prijs: plm. € 57,00)
'Zoiets zouden we in ons taalgebied ook moeten hebben,' verzucht de liefhebber, die kennismaakt met het losbladig systeem, dat hier wordt besproken. Eendrachtige samenwerking van VDA (oorspronkelijk Verbond van Duitse Aquariumverenigingen, maar tegenwoordig Verbond van Duitse Verenigingen voor Aquariumkunde geheten) en DGHT (het Duitse Genootschap voor Herpetologie en Terrariumkunde) heeft in overleg met dierenbescherming en overheid geleid tot een goed overzicht van vakkennis en bekwaarheden, zoals ze gewenst zijn voor verantwoord houden van dieren in onze liefhebberij. Dit geheel noemt men Sachkundenachweis: Süßwasseraquaristik, Meerwasseraquaristik, Terraristik.
Na inleidende pagina's met onder andere een woord ten geleide namens natuurbescherming en namens het verantwoordelijke ministerie is de inhoud verdeeld over vier delen:
1. Beschermingsmaatregelen
2. Bekwaamheid en vakkennis
3. Verzameling meerkeuzevragen
4. Organisatie en opzet
Binnen deze delen gebruikt men roze pagina's voor zoetwateraquaristiek, blauw voor zeewateraquaristiek en geel voor terrariumkunde. De tweeslachtige dieren of amfibieën komen er overigens, zoals meestal het geval is, bekaaid van af: daaraan wordt nauwelijks aandacht besteed.
Bij de afdeling bescherming vinden we informatie over de Conventie van Washington, over Europese regels en Duitse wetgeving. Die laatste kan natuurlijk niet zomaar in Nederland of België worden toegepast, maar deze afdeling is toch ook voor ons heel nuttig. In dit deel komen ook de minimale houdbaarheidseisen [Mindestanforderungl aan bod en daarbij valt op dat aquariummaten worden aangegeven in voorruitlengte met daarnaast als aanvulling de Duitse gewoonte om inhoudsmaten te noemen.
Voor de handel gaat het in wezen om slechts een beperkt aantal soorten, die regelmatig worden verkocht en het basisassortiment vormen: in Duitsland niet meer dan 135 soorten, die met naam en toenaam worden behandeld. Er lijkt weinig verschil met het Nederlandse sortiment. Epalzeorhynchos bicolor, die ik graag zwarte roodstaart noem, en de zoenvis Helostoma temminckii acht men niet bepaald geschikt als aquariumvis. Men erkent scholenvissen, in wezen kuddedieren die weinig individuele persoonlijkheid kennen en die minimaal met 10 stuks moeten worden gehouden, sociale vissen die met minimaal 5 individuen dienen te worden gehouden, omdat ze voor psychische gezondheid en normaal gedrag soortgenoten moeten kunnen ontmoeten, en solitaire soorten die - althans binnen de beperkte ruimte van een aquarium - onverdraagzaam zijn. Daarnaast zijn er soorten, waarvan de man een harem behoeft en soorten, die het beste als paartje kunnen worden gehouden.
Dit geeft u een indruk van hoe het begrip dierenwelzijn wordt benaderd. Helaas ontbreekt een stuk over zeevissen. Het deel over reptielen toont veel dierentuininvloed: ook giftige slangen, wurgslangen en zeeslangen worden genoemd.
Weliswaar acht men kameleons ongeschikt voor de beginnende liefhebber, maar wel begint de afdeling reptielen met 40 soorten kameleons! Vervolgens hagedissen (met o.a. de foutieve spelling geckonidae), slangen en schildpadden.
Voor zeeslangen wordt aanbevolen een ruim zeeaquarium met landdeel om op te kunnen zonnen. Voor andere soorten bepleit men een brakwater-kustaquarium en een goed beplant, vochtig regenwoudterrarium met een flink waterdeel (dat we dus paludarium zouden mogen noemen). Door een vreemde onvolkomenheid in het tekstverwerkingsprogramma lezen we hier vaak Bec??ken en Troc??ken met vraagtekens tussen c en k. Bij schildpadden wordt aangegeven of een winterslaap gewenst is.
De minimale houdbaarheidseisen zijn vastgelegd in een overeenkomst, ondertekend namens deelnemende verenigingen, overheid en dierenbescherming. Toch is van de kant van de dierenbescherming een minderheidsstandpunt opgenomen: afgezien van de algemene goedkeuring vindt men dat in privéhuishoudens geen reptielen gehouden mogen worden. Zolang er geen algemeen officieel verbod [!!!] is, dienen onderkomens en liefhebbers te voldoen aan hogere eisen dan in deze overeenkomst vastgelegd. Maar VDA en DGHT geven dierenbeschermers de ruimte.
De afdeling bekwaamheid annex vakkennis (= Sachkunde) behandelt algemene aquaristische en terraristische kundigheden met onder andere de verzorging van planten. De verzameling vragen geeft gebruikers gelegenheid kennis te toetsen ter voorbereiding op een test binnen de vereniging of op een meer officieel examen. Organisatie ten slotte vermeldt verantwoordelijke samenstellers en regelt tot in detail de verdeling van kosten bij examen of test.
Misschien vinden liefhebbers ten onzent het geheel soms overgeorganiseerd. Uw recensent meent dat er aan de behandelde vissen evenals aan de behandeling van het terrarium nog wel wat ontbreekt. (Kik)vorsen en salamanders ontbreken ten enen male. Maar dit werk is nuttig en ook wij zullen geconfronteerd worden met de noodzaak om bekwaamheden inzake onze vivaristiek te reguleren. Daartoe is dit systeem een mooie aanzet.
 
Titel: Seepferdchen, Seenadeln, Fetzenfische und ihre Verwandten
Auteur: Rudie H. Kuiter
Uitgever: Verlag Eugen Ulmer
Formaat: 242 pagina's, 24 x 17,5 cm, gebonden
Prijs: plm. € 57,00
Dit boek is geheel gewijd aan de zeepaardjes, zeenaalden, Fetzenfische (vrij vertaald: lappen- of lorrenvissen) en hun familieleden. Iedereen kent de normale zeepaardjes. Maar kent u vissen als geestpijp-, draken-, vleugelstaart- en blaasbalgvissen? Ik moet eerlijk bekennen, dat ik van sommige soorten nog nooit had gehoord, laat staan gezien.
Het is een bijzonder boek. Het bevat 1120 foto's en 60 tekeningen van alle mogelijke soorten van de orde 'Sygnathiformes'. Meer dan 60 soorten zeepaardjes van over de hele wereld zowel tropische als subtropische soorten van het geslacht Hippocampus staan in het boek met foto's beschreven. (De foto's betreffen zowel afzonderlijke zeepaardjes als parende en waarbij de vrouwtjes de eieren aan het mannetje overdragen.) Naast de gewone zeepaardjes vindt u in dit boek ook dwergnaaldpaardjes en vissen van de geslachten Phyllopteryx en Phycodurus. Vissen die op draken lijken en andere weer op gerafelde lorren, maar allerminst op vissen!
Ook de naaste verwanten van de zeepaardjes, de wonderlijk soms als gedrochten uitziende geestpijpvissen en blaasbalgvissen hebben vormen, die je moet zien, want omschrijven is onmogelijk. Het zijn allemaal natuurlijke vormen.
Ook worden aan de hand van foto's meer dan 300 soorten zeenaalden uit vele geslachten beschreven. Eveneens komen verschillende soorten mesvissen aan de orde. De eerste hoofdstukken geven algemene informatie o.m. over evolutie, het ontstaan van de soorten, namen en synoniemen, geografische verspreiding etc. Ook wordt vermeld, welke soorten zeepaardjes en zeenaalden goed in het aquarium zijn te houden. Wel moet ik zeggen, dat deze informatie beknopt is. Zeepaardjes kunnen goed in een aquarium met kleine vissen worden gehouden, mits dit geen voedselconcurrenten zijn. Ze zijn ideaal voor het lageredierenaquarium, doch van anemonen, sterk netelende koralen, hydroidpoliepen en kreeftachtigen met grote scharen moet worden afgezien, want deze kunnen een bedreiging vormen. Het aquarium moet zo groot mogelijk zijn. Hoe groter de dieren, des te meer ruimte ze nodig hebben. De hoogte is belangrijk voor de balts en paring.
Van de vele geslachten zeenaalden, die worden genoemd, zijn de zg. vaandelstaartzeenaalden van de geslachten Doryrhamphus en Dunckerocampus ideale vissen voor kleine, hoofdzakelijk met ongewervelden bezette aquaria. Vooropgesteld, dat regelmatig levend voer ter beschikking staat.
Zoals ik al schreef, het is een bijzonder en fraai boekwerk met vele goede en natuurgetrouwe foto's van soorten, die ik nooit in een ander boek heb gezien. Voor de aquaristen, die een brede belangstelling hebben en dat geldt zeker voor de zeeaquaristen is dit boek een aanwinst in hun boekenkast. Het is helaas geen goedkoop boek.
 
Titel: The puffers of fresh and brackish water
Auteur: dr Klaus Ebert
Serie: Aqualog Reference Fish of the World
Uitgever: ACS Verlag
Uitvoering: 48 pag., DIN A4, gebonden
Er zijn ongeveer 150 soorten kogelvissen, familie Tetraodontidae, waarvan het merendeel zeebewonend. Hiervan zijn 75 soorten echte zeevissen. Er zijn 39 soorten voornamelijk kustbewonend, die regelmatig brakke wateren en riviermonden opzoeken, terwijl er 36 echte zoetwatersoorten bekend zijn. De 75 soorten die in zoet water en getijdegebieden gevonden kunnen worden, worden in dit boek voorgesteld met naam, informatie en illustratie.
De auteur is zeeaquarist en specialist in kogelvissen. In enkele paragrafen behandelt hij de geschikte aquaria: een zoetwaterbak, een brakwaterbak en een zeeaquarium. De ongeveer 30 soorten, die hij zelf heeft gehouden, worden zeer uitgebreid besproken. Van de weinig bekende mariene soorten zijn er echter verscheidene, die uitsluitend als tekening of met foto van een dood (museum)exemplaar worden weergegeven.
Aangezien enkele soorten regelmatig verkrijgbaar zijn, is een vergelijking van de gegevens goed mogelijk. De soort, die in de handel soms Tetraodon fluviatilis wordt genoemd, is in feite meestal Tetraodon nigroviridis, ook bekend als Flusskugelfisch! En de vis, die ik jarenlang heb gehad als T. palembangensis was waarschijnlijk Tetraodon biocellatus, die in dit boek dan ook nog gewoon Palembang-kogelvis wordt genoemd.
Uw recensent gebruikt het tekstverwerkingsprogramma zelden om spelling te controleren. Dat heeft wel eens vervelende consequenties, want dat doen uitgever en auteur van het besproken boek kennelijk evenmin. Op pag. 14 staat bv. schoudeteni in plaats van schoutedeni en op pag. 68 lezen we Spoeroides in plaats van Sphoeroides. Maar het is een goed verzorgd boek, waarvan de weldoordachte inhoud een betrouwbare indruk maakt.