| Boekbesprekingen | |
| Titel: | Cichliden |
| Auteur: | Claus Schaefer |
| Uitgever: | Tirion, 95 pag., 24 x 17 cm, gebonden |
| ISBN: | 90 5210 360 7 |
| Prijs: | 29,95 |
| Dit boekje is verschenen in een serie van vier; te weten barbelen, meervallen, labyrintvissen en cichliden, waarvan de andere drie al eerder besproken werden. Vanwege hun kleur en gedrag zijn cichliden uiterst interessante vissen voor een aquarist. Er zijn veel verschillende soorten cichliden, die alle een andere verzorging nodig hebben. In het voorwoord legt de auteur uit dat het een boekje is om orde te scheppen in de chaos die een beginnende cichlidenaquarist wordt geboden. Hij sluit af met een lijst met een aantal punten om uit te vinden welke soort het beste bij iemand past. De auteur begint het boek met een algemene beschrijving van cichliden, waarna hij verschillende soorten beschrijft. Met name cichliden uit het Malawi- en Tanganjikameer en uit Zuid-Amerika worden uitvoerig behandeld, waarschijnlijk om de doodeenvoudige reden dat in die gebieden de meeste cichliden voorkomen. Per gebied worden de vissen besproken aan de hand van gedrag, voeding, voortplanting, biotoop en inrichting van de bak. Het boek is rijk geIuml;llustreerd met foto's en enkele tekeningen. Al met al een goed boek voor de beginnende cichlidenaquarist. | |
| Titel: | De onvrije natuur |
| Subtitel: | Verkenningen van natuurlijke grenzen |
| Auteurs: | Joost Tinbergen e.a. (redactie) |
| Uitgeverij: | KNNV Uitgeverij, Utrecht |
| Formaat: | 29 x 17 cm, 240 pagina's, gebonden, afbeeldingen in kleur en zwart-wit |
| ISBN: | 90 5011 134 3 |
| Prijs: | 57,50 |
|
Dit boek bevat 36 afzonderlijke verslagen van ecologisch
veldonderzoek aan voornamelijk vogels, maar ook aan o.a.
buffels, bevers, vissen en planten, door 42 onderzoekers
die allemaal verbonden zijn of waren aan de
Rijksuniversiteit Groningen, een van de sponsors, naast
o.a. het Prins Bernard Cultuurfonds, de Van Tienhoven
Stichting en de Vereniging Natuurmonumenten. Het boek is
opgedragen aan prof. Rudi H. Drent, hoogleraar
dierecologie. Dieren en planten leven in de vrije natuur
lang niet zo onbekommerd als het lijkt. Voortdurend moeten
'beslissingen' genomen worden, zoals: welk voedsel eet ik
wel en welk niet? Blijf ik hier of trek ik naar elders?
Hoeveel eieren zal ik leggen en wanneer? Blijf ik mijn
partner(s) trouw of niet? Vogels zijn relatief gemakkelijk
te bestuderen, vandaar dat veel onderzoek over vogels gaat.
Wat een beest doet, hangt af van wat andere beesten doen en
hoeveel beesten er zijn. De bijdragen zijn gegroepeerd rond
zes thema's: - Draagkracht: dieren en hun voedsel - Voedsel: eten en gegeten worden - Individuele keuzes en beperkingen - Seks, geweld en sociaal verkeer - Van individu naar populatie - Kennis en natuurbeheer De natuur gaat vaak oneconomisch te werk. Er worden bv. evenveel stieren als koeien geboren, terwijl één stier volstaat om vele koeien te bevruchten. Anderzijds is het opmerkelijk, dat na een oorlog meer jongetjes dan meisjes geboren schijnen te worden. Als er bij pimpelmezen een vrouwtjesoverschot is, dan zien we vaak trio's, maar die krijgen minder vliegvlugge jongen dan een paartje. Wij kennen het verhaal over het uitzetten van de nijlbaars in het Victoriameer. Honderden soorten kleine cichliden (furu) stierven uit. Maar door het troebel worden van het water namen andere soorten juist in aantal toe, zoals de Dagaa, het 'Victoriameer-sardientje', waarvan de vrouwtjes veel minder eitjes gingen produceren, maar die afneming compenseerden door de geslachtsrijpe leeftijd te verlagen. De furu konden zich niet aanpassen, omdat die afhankelijk zijn van de jaarlijkse piek in lichtintensiteit. De nijlbaars heeft algenbloei bevorderd door het wegvangen van algenetende visjes. Ook indirect heeft de nijlbaars de eutrofiëring van het meer bevorderd, doordat de plaatselijke bevolking het bos ging kappen om nijlbaars te roken. Het aantal muggen nam enorm toe en daardoor kregen vogels zoals fitis, tuinfluiter en rietzanger extra voedsel voor hun vlucht naar Europa. Zo werkt de introductie van de nijlbaars door tot in Nederland. En toen in 1989 de waterhyacint in het meer geïntroduceerd werd, bood die een nieuwe schuilplaats aan sommige furu, die daardoor weer konden toenemen in aantal. Zo hangt de natuur van ingewikkelde relaties aan elkaar en dit boek geeft hiervan een aantal interessante voorbeelden. Helaas niet veel op aquatisch gebied, maar veel aquaristen zijn ook natuurliefhebbers en voor hen is dit een interessant boek. |
|