|
Ik ben op zoek naar zoveel mogelijk informatie over de vlinderagamen. Ik geloof dat de Latijnse naam Leiolepis belliana guttata is. Het herkomstgebied van de vlinderagame met de wetenschappelijke naam Leiolepis blanda is Zuidoost-Azië. Er worden 4 geografische rassen onderscheiden, waarvan L. b. gutst er een is. De grootte in volwassen toestand zal ongeveer 50 cm zijn, waarvan ongeveer de helft staart. Ze zoeken naar een woonplaats in de nabijheid van de zee in lichte wouden. Ze graven daar gangen, die tot 1 m diep kunnen zijn. De ingang ligt doorgaans verscholen onder begroeiing. Vooral op het heetst van de dag zoeken ze daar verkoeling en vooral ook een vochtige omgeving. Daar leven ze voornamelijk van insecten als spinnen, vliegen, libellen e.d. Ze zijn vooral in de late morgen actief bezig zich vol te eten. Daarna verschuilen ze zich om vaak pas in de middag weer tevoorschijn komen om te zonnen. Als je ze in gevangenschap wilt bieden, wat ze nodig hebben, moet hun verblijf zo zijn ingericht, dat ze dit gedrag kunnen vertonen. Een voldoende ruim, minimaal 2 vierkante meter bodemoppervlak. Hoogte is minder belangrijk. De bodem kan het beste uit een behoorlijk dikke laag, schoon rivierzand bestaan, waarin kunstmatig gangen zijn aangebracht. Plastic rioolbuis is minder geschikt daarvoor, omdat het niet 'ademt'. Bouwsels uit natuurlijke materialen, maar ook in de lengte gespleten cementbuizen zijn beter geschikt. Verder moet voor adequate verwarming en een 'zonnetje' worden gezorgd. Daarvoor graaf je verwarmingskabel in ongeveer eenderde van de bodem in en hang je een infraroodlamp in een reflector op. De verwarmingscomponenten 's nachts uitschakelen. Ten slotte kan een zwembassin, waarvan het water regelmatig wordt vervangen, niet worden gemist. Zet als voedsel het beste een aantal insectenkweken op: sprinkhanen, krekels, wasmotten, meelwormen. Ook valt te proberen of ze niet van tijd tot tijd behoefte hebben aan ganzetongen. Dat zijn de blaadjes van paardebloemen. Regelmatige toediening van vitaminen is nodig en - als het mogelijk is - een regelmatig zonnebad zal het welbevinden verhogen. De kweek schijnt een beetje problematisch te zijn. Ze leggen eieren. Maar het is weinigen gelukt, die ook te laten uitkomen van deze interessante terrariumbewoner. Mijn vissen zijn nooit goed te vangen: als ze ziek zijn, als ik wil kweken, ze weg wil geven. Ze zwemmen naar onbereikbare plekken en ik kan ze niet vangen. Ik probeer het met twee netten, maar in het midden van mijn bak (100 x 40 x 50) zit een soort stang, dus je kunt met je hand maar aan 1 kant van de bak komen. Ze gaan dan vaak achter in de bak zitten en komen daar niet meer weg. Zo krijgen ze veel stress en dat wil ik niet. Hoe vang ik ze met zo min mogelijk stress? Zo'n stang midden in de bak is, denk ik, een stabilisatiestrip. Vaak totaal overbodig, maar je bent er mee aan. Bij veel aquariumclubs hebben ze een vissenval. Dat is een glazen kooi met een valdeur aan een touwtje. Die wordt in het aquarium gezet met wat lekkers voor de vissen erin. Zo worden ze binnengelokt. Eenmaal binnen laat je het touwtje los en de beestjes zijn gevangen. Als je ze eerst wat laat hongeren, gaat het vlotter. Met wat handigheid is zo'n val wel zelf te plakken. Als het niet zulke grote vissen betreft, kun je ook een soort fuik maken. Van een 2-literpetfles zaag je de hals af. Als je een beetje mikt, kun je de grootte van de opening zelf bepalen. Vervolgens zaag je hem een centimeter of 7 over de bocht heen af en zet het bovenstuk omgekeerd terug in de rest en drukt het stevig aan. In het aquarium met wat lekkers erin lukt het ook vaak vissen te vangen. Vaak duurt het heel lang voor je de bedoelde vissen gevangen hebt. Ik wil graag kweken met Apistogramma agassizzi. Hoe moet de kweekbak eruit zien? Welke pH? Hoeveel vrouwtjes bij 1 man? En de watertemperatuur? Moet ik de jonkies wegvangen of bij de ouders laten? Hoe groot moet de bak zijn? Je hebt een bak van ten minste 60 x 40 x 40 cm nodig. Eén mannetje en twee gezonde en sterke vrouwtjes, achter in de bak langs de randen flink wat beplanting. Welke soort is niet belangrijk. Kies dus voor sterke planten, die goed willen groeien. Ten minste twee, maar liever meer holletjes: onder stukjes kienhout, onder stenen, kokosnootdoppen enz. Temp. 25 graden. pH < 7 gr DH. Denk ook aan een lage doormeetbaarheid. Je moet de jongen bij de ouderdieren laten, omdat ze van de ouders leren hoe de voortplanting werken moet. Van de diertjes die in de handel zijn, zijn er nogal wat, die niet op deze manier zijn grootgebracht. Vaak komt dan van kweken weinig terecht. Ik zou graag willen weten wat de mengverhouding is voor het verlagen van de pH door zoutzuur toe te voegen. Hoeveel % zoutzuur is nodig om 1 liter water van 7,5 - 8 pH met 1 pH te kunnen verlagen? Reeds ben ik op zoek geweest naar een gegeven als dit. Maar heb dit niet zo 1,2,3 kunnen vinden. Misschien weet u daar wel antwoord op. Watersamenstelling van het 'Amazone'-aquarium op dit moment: 6 KH, 12,5 GH, 7,5 pH. Helaas kan ik geen mengverhouding geven, omdat ik het ook niet weet. Die is van de overige parameters van de watersamenstelling afhankelijk. Je moet dat proefondervindelijk uitvissen. Mij hebben ze altijd gezegd, dat deze methode omslachtig en vooral ook niet zonder gevaar is. Maar al te vaak verdwijnt de buffer en slaat het water om naar zeer zuur. Daarin is geen leven mogelijk. Een paar graden omlaag lukt meestal wel met filteren over turf. En dan resteert het toedienen van koolzuur (CO2). Ik heb twee Dalmatier Black Molly's en nou wil ik ze kweken. Alleen, ik weet niet hoe dat moet (Jesse,16). Het is niet van belang of jij weet hoe het moet. Als ze het zelf maar weten. Ik wed, dat als je een volwassen mannetje en een volwassen vrouwtje bij elkaar in een aquariumpje zet ze snel 'voorgelicht' zijn. Ik heb een jaar geleden 4 jonge sleutelgaatjes aangeschaft, 2 mannen en 2 vrouwen. Tot afgelopen zaterdag zwommen zij als een schooltje samen met een paartje Crenicara punctulata (Herculescichliden). Nu hebben 2 sleutelgaten (want het zijn inmiddels behoorlijke vissen geworden) prachtige, zwarte strepen en een echt sleutelgat op hun rug. Ze zijn ook heel duidelijk een stel en struinen de hele bak (300 ltr) af. Helaas op zoek naar het andere stel. Het mannetje daarvan zit heel bleek in de hoek bij het filter en het vrouwtje heb ik sinds zaterdag al niet meer gezien. Ze komen ook niet naar voren om te eten. Het paartje Herculescichliden is inmiddels ook mooier van kleur, maar dat komt denk ik door de stress in de bak. Deze eten nog prima, maar het is uiteraard niet gezond. Het is mij wel duidelijk dat de Maroni's nu volwassen zijn en het paartje waarschijnlijk op zoek is naar een broedplaats. Maar wat is nu wijsheid? Moet ik de twee bange vissen uitvangen (ik maak mij zorgen, omdat ze niet durven te eten en zullen verhongeren) en hier een ander huis voor zoeken? Zo ja, heeft hier iemand interesse in? Zo nee, kan ik de vissen bij elkaar laten en hopen dat het 'overwaait'? Graag hoor ik jullie ervaringen en adviezen, want ik beleef veel plezier aan dit soort visjes en wil ze graag op de goede manier behandelen. De sleutelgatcichlide, Aequidens maroni en volgens recentere naamgeving Letacara maroni, behoort tot de vreedzaamste cichliden, die er bestaan. Het is heel moeilijk vast te stellen wat een mannetje en wat een vrouwtje is. Eigenlijk weet je dat alleen pas als je ziet, dat ze eitjes hebben afgezet, die zijn uitgekomen. Maar als je er vier aanschaft, is de kans dat er ten minste een paartje bij is wel groot. Ik betwijfel dus, dat de sleutelgatcichliden het met elkaar aan de stok hebben gekregen. Ik verdenk er de Crinicara punctulata eerder van. Het intensere kleurpatroon wijst ook in die richting. Het lijkt me inderdaad verstandig een andere behuizing te zoeken voor de twee Letacara maroni. Of iemand er interesse in heeft, kan ik natuurlijk moeilijk beoordelen. U kunt hier een advertentie plaatsen, u kunt ze terugbrengen naar de handelaar. Die zal er niet veel geld voor overhebben... Maar ja, in ieder geval hebt u er dan een aanvaardbaar onderkomen voor gevonden. Via een aquariumvereniging lukt het vaak ook een ander baasje te vinden. Ik heb een nu nog leeg aquarium en het lijkt me leuk om er een paar Pseudotropheus saulosi in te doen, maar ik hoor van verschillende kanten dat ze wel/niet sociaal zijn met andere vissen van een andere soort (gezelschapsvissen zoals neons enz.). Ook zou ik graag willen weten hoe ik die vissen zou moeten houden en of u nog een paar tips voor mij heeft! Pseudotropheus saulosi (intussen van naam veranderd: Metriaclima saulosi) is een heel fraaie en kleurrijke cichlide. Dat je ze beter niet met neontetra's e.d. kunt houden, heeft niet zo erg veel te maken met het gegeven, dat ze elkaar niet zouden verdragen. Hoewel het verschil in grootte wel erg veel is. De Metriaclima's komen van nature voor in het Malawimeer. Dat is een gigantisch meer in Oost-Afrika. Misschien mag je wel spreken van een binnenzee. Daarin bevindt zich sterk alkalisch water (een hoge KH en een hoge pH). Neontetra's komen van nature uit het regenwoud (vooral in Brazilië). Daar is heel zacht en zuur water (lage KH en pH). Als je ze bij elkaar in een aquarium stopt, kun je ze dus alletwee niet dat geven, wat ze nodig hebben. Wat is de beste methode om in mijn aquariumwater een pH van 8,3 en KH 10 te bereiken? Met zuiveringszout en soda. Meng die in een verhouding van drie delen zuiveringszout en twee delen soda. Los dat op in water en doe daarvan voorzichtig iets in je aquarium en probeer al metend de juiste waarden te bereiken. Blijf dus meten. Houd vooral de elektrische doormeetbaarheid (µS) in de gaten. Die mag niet verder stijgen dan 250. Ik wil graag met Corydoras paleatus kweken. Ik heb verscheidene artikelen gelezen, maar toch leek het me verstandig het ook even hier te vragen. Hoe kan ik dus het beste met de soort kweken? Wat voor temperatuur heb je nodig, moet er een verwarming bij? De artikelen verschillen namelijk soms. Mijn antwoord is dan misschien het zoveelste, andere gezichtspunt. Dat is overigens helemaal niet vreemd. Het kweken met Corydoras paleatus is niet zo moeilijk. Het gebeurt vaak spontaan, gewoon in het aquarium. Een gerichte kweekpoging zet je het beste als volgt op: Gebruik een aquarium met een betrekkelijk groot bodemoppervlak. 25 x 40 bv. De bodembedekking bestaat het beste uit fijn zand. Zorg verder voor plaatselijk dichte beplanting. Cryptocorinen, hoewel uit Azië afkomstig, lenen zich daar goed voor. Temperatuur 23 - 28 graden, pH ca 6, KH 2 - 4 graden dH. Zet in dit aquarium de vissen paarsgewijs of in een groep in de verhouding 2 mannetjes, één vrouwtje. Het zal niet van een leien dakje gaan. Je zult dus in de kweekbak moeten voeren. Voer daarom sporadisch, maar zorg dat de dieren wel voldoende te eten krijgen. Hevel zorgvuldig en dagelijks alle overgebleven dood voer en ook de excrementen af. Als het na een tijdje niet lukt, ververs dan veel water. Het blijft een kwestie van geduld. Ik wil aan de achterzijde van mijn aquarium een aanboring maken om een overstroom voor een biologisch filter te maken. Hoe kan ik dit het beste doen (wat voor gereedschap etc.)? Boren in glas is een riskant karweitje. Je hebt ervoor nodig: - Een goede boormachine die je heel stabiel kunt opstellen. Het beste vastgezet in een boorstandaard. - Een glasboor. Dat is in principe een metalen buis van de gewenste diameter. - Boor-/slijppoeder. Nu lukt het 't beste als je het te doorboren vlak horizontaal opstelt. Je bepaalt de plaats, waar het gat moet komen en brengt het horizontale vlak heel precies onder de boor aan. Je legt met bv. stopverf een soort van walletje om de aan te boren plek. Die vul je met bv. water of olie. Voeg daaraan het boorpoeder toe. Het water of de olie is nodig om voor voldoende koeling van het glas te zorgen. Bij plaatselijk sterke verhitting van het glas zal het anders barsten. Stel de boormachine in de boorstandaard zo op dat een exacte hoek van 90 graden met het glas wordt gevormd. Ga voorzichtig aan de slag. Zorg, dat er nooit te veel druk op het glas wordt uitgeoefend. Bij een (half) gevuld aquarium wordt het koelen een probleem, maar misschien lukt dat met een beetje inventiviteit ook nog wel. In zijn algemeenheid is het boren in glas een zeer gespecialiseerd karwei. Een bestaand aquarium vergroot het probleem. Misschien is het verstandig een gespecialiseerd bedrijf (voor aquariumbouw) in de arm te nemen. Het gereedschap is overigens allemaal wel te koop evenals de ervaring. Toch zelf doen? Veel succes! Hoe zet ik een koudwateraquarium op? Specifiek met betrekking tot de koeling? Voorbeeld: het Oosterschelde-aquarium van J. H. Lindenberg, Yerseke. Ik heb een aquarium van 80.35.35 (l, b, h). Is het hierin mogelijk om Corydoras pygmeus te houden? De bodem bestaat voor 1/5 uit zand en voor de rest uit afgerond grind. Het is rijk beplant en er is een natuurlijk een filter aanwezig. Ja, dat is heel goed mogelijk. Ik heb namelijk wel eens gehoord dat Corydoras een lage waterstand nodig hebben. Is de waterstand niet te hoog? Nee, de waterstand is niet te hoog. Wat eten ze allemaal? Voornamelijk materiaal van dierlijke oorsprong. Het moet klein genoeg zijn voor hun bekjes. Detritus is ook een geliefd voedsel. Dat ontstaat in elk aquarium, dat door de eigenaar niet pijnlijk secuur wordt afgeheveld, door bacteriële inwerking uit voedsel- en plantenresten. Is deze kleine Corydoras minder sterk dan de overige soorten? Corydoras pygmeus is een stuk minder gebonden aan de bodem dan de meeste andere Corydoras-soorten. Dat kun je ook waarnemen als ze vaak in een schooltje door het aquarium trekken en hoger gelegen rustplaatsen uitzoeken. Ze hebben graag wat stroming en zijn liefhebber van zuurstofrijk water. Als aan die voorwaarden wordt voldaan, zijn het redelijk sterke beestjes. Maar die regel geldt voor alle dieren. Wij hebben een aquarium overgenomen van vrienden. Met de helft van het water en 6 vissen. Niets aan de hand. Binnen een week hebben wij nieuwe vissen erbij gekocht. Daarna begon de ellende. Verschillende vissen werden ziek en gingen dood. Wat voor ziekte het is, is voor ons een grote vraag. Onze vissen lijken hun kleur te verliezen voor ze doodgaan. De kardinaaltetra kan al kleurloos zijn aan de achterkant en aan de voorkant nog steeds zijn volle kleuren hebben. Alle dode vissen zien er wit doorschijnend uit. Bij een van de vissen kunnen we nu zien, dat hij aan de mond wit verkleurt. Hebt u enig idee wat voor ziekte er in ons aquarium kan heersen? Ik ben er een tegenstander van om een diagnose te stellen op afstand aan de hand van beschrijvingen door aquariumliefhebbers verstrekt. Zo ook hier weer. Mogelijk hebt u te maken met de ziekte, die bekendstaat onder de naam valse neonziekte of Columnaris. Dan zullen de vissen traag, lusteloos zwemmen of onregelmatig zwemmen, zich bij voorkeur aan het wateroppervlak afzonderen en naar lucht happen. Meestal ook zullen ze donker kleuren en de blauwe kleur door een lichte huidplek - meestal op de rug - verliezen. Het kan gepaard gaan met vin- en/of staartrot. Soms zijn er ook rode plekken op de huid en een op een soort zweertjes lijkende aantasting. Ook kan het zijn, dat de ogen gaan uitpuilen en dat er schimmelinfecties optreden. Nou, da's dan makkelijk zult u zeggen, maar nee hoor. Er zijn zeker nog drie andere ziektes met ongeveer dezelfde verschijnselen, waaronder de echte neonziekte. Ze vragen allemaal een andere behandeling. In het aquarium toegepaste medicijnen vernietigen al het bacteriële leven in de bak en dat zal weer andere problemen veroorzaken. Alle toegepaste medicijnen komen in het oppervlaktewater terecht en zijn zo vaak een probleem voor waterzuiveraars. Komt nog bij, dat de vissen meestal al zover weg zijn, dat er geen redden meer aan is. Ik geef u het volgende in overweging:
|