|
Ik ben op zoek naar de beste waarden van GH en KH voor een Tanganjika- en een Malawi-aquarium. Ik heb al in boeken gelezen, maar daar staat het niet echt duidelijk in. De juiste waarden voor dergelijke aquaria zijn ook niet zo absoluut als, getuige de vraag, wordt verondersteld. Ze liggen allebei in het alkalische bereik. Een Tanganjika-aquarium mag best iets meer alkalisch zijn. De waarden in de meren: Malawi: pH 7.7 - 8.6 KH 6 - 8° dH GH 4 - 6° dH Elektrische doormeetbaarheid bij 20° C: 210 - 285 µS/cm Oppervlaktetemperatuur 24 - 29° C Dieptetemperatuur 22° C Tanganjika: pH 8.6 - 9.5 KH 16 - 19° dH GH 17 - 11° dH Elektrische doormeetbaarheid bij 20° C: 570 - 640 µS/cm Oppervlaktetemperatuur 24 - 29° C Dieptetemperatuur 23° C In de meeste gevallen zul je het water iets willen aanharden. Dat kan het beste door eventueel te zacht water te mengen met harder water. Vaak doet men dat ook met een mengsel van zuiveringszout en soda. Op zich niet verkeerd, maar hou daarbij de doormeetbaarheid in de gaten. Je doet de dieren meer kwaad met een te hoge doormeetbaarheid dan met een te lage pH. Mag ik weten hoe je rode muggenlarven kunt kweken (mag op alle manieren)? Het is vooral voor in de winter bedoeld als er bijna geen diertjes te vangen zijn. Ik heb het al eens geprobeerd met microaaltjes en Artemia. Nu nog a.u.b de rode muggenlarf. Rode muggenlarven leven in de bodem van allerlei water. Vooral modderige bodems en humusrijke bodems, die bestaan uit veel halfverteerde, afgevallen bladeren. Ze komen daar terecht, doordat de volwassen muggen eitjes in het water leggen. Die komen uit en de jonge larf vestigt zich in de bodem. Daar ontwikkelt hij zich tot volwassen larve en vervolgens tot pop. Deze pop verlaat de bodem om tegen het wateroppervlak te gaan hangen, waar de mug - die zich intussen in de pop ontwikkeld heeft - zich aan de cocon kan ontworstelen om na verloop van tijd weer eitjes aan het water van sloot of plas toe te vertrouwen en zo is de cirkel rond. Ook gedurende de wintermaanden bevinden zich in de bodem van dergelijke watertjes muggenlarven, die daar overwinteren. Als je dus zo'n watertje weet, kun je daar de hele winter muggenlarven halen. Maar pas ook op. De bodem van dergelijke watertjes kan sterk verontreinigd zijn door industrieel afvalwater. Dat kan ook de nodige schadelijke stoffen bevatten. Sinds ik eens een hele school Rasbora kalachroma in één nacht tijd verloor, nadat ik 's avonds met rode muggenlarven had gevoerd, staat dit voer bij mij op de zwarte lijst. Alleen rode muggenlarven van 'eigen fabrikaat' vertrouw ik nog. Daarvoor heb ik achter in de tuin, overschaduwd door een grote heester, een speciekuip ingegraven. Blad is er dus vanzelf ingevallen. De rest gaat ook vanzelf (zie boven). Nu alleen het 'oogsten' nog. Van plastic horrengaas heb ik een tweetal 'tasjes' gemaakt door een strook gaas dubbel te vouwen en de zijkanten met een grove steek aan elkaar te maken. In zo'n 'tasje' stop ik een flinke hoop van het bodemmateriaal uit de kuip en hang het in een emmer met onderin slechts een klein laagje water. Het materiaal uit de kuip hangt droog. Langzaam wordt het de muggenlarven te droog en zullen zij het bladmateriaal door de mazen van het gaas verlaten. Zo verzamelen ze zich onder in de emmer, van waaruit ze zo gevoerd kunnen worden. Stel je er niet al te veel van voor, maar één à twee keer per week valt daar wel een heel bescheiden portie muggenlarven uit te genereren. Dat is ook meer dan genoeg, want het is niet verstandig veel en/of vaak rode muggenlarven te voeren. Als je je kuip vorstvrij weet te houden, lukt dat in nog bescheidener mate gedurende de winter ook. Maar de voorraad zal nogal eens uitgeput zijn, omdat geen aanvulling plaatsvindt. Mijn aquariumplant, Anubias nana, heeft twee knoppen. Is het normaal, dat de plant onder water gaat bloeien? En gaat de plant dood, nadat hij heeft gebloeid? Wat je vaker ziet bij planten? Anubias nana is een plant, die in de natuur op de grens van land en water groeit. Bij een hogere waterstand komt hij dan ook regelmatig onder water te staan. De groei boven water is meestal wat uitbundiger dan onder water. Kwekers maken daarvan gebruik door de planten boven water te laten groeien. Dan zijn de planten eerder geschikt voor de verkoop. In aanleg aanwezige bloeiwijzen ontwikkelen zich gewoon verder. Maar ook komt het voor, dat zich onder water toch bloeiwijzen vormen. Het verschijnsel dat planten na de bloei afsterven komt voor bij Bromeliacae. Tillandsia's, Bromelia's e.d. Maar dan ontstaat er vrijwel altijd een groot aantal uitlopers. Anubis nana behoort niet tot deze groep en zal dus zeker niet doodgaan. Vijvervissen hoef je eigenlijk niet te voeren. Ze zouden genoeg aan de algen hebben. Graag zou ik dit met zekerheid willen weten. Natuurlijk water is een ecosysteem, dat zichzelf in stand houdt. Dat betekent dat de erin levende organismen kunnen leven van wat het systeem opbrengt uit de excrementen van vissen en wat er verder aan planten, algen en wierengroei is onder invloed van licht en CO2. Als uw vijver uitgebalanceerd zou zijn opgezet, dan zou voedering niet nodig moeten zijn. Ik heb daar zo mijn bedenkingen bij. Heel veel vijvers zijn overbevolkt en er groeien misschien ook wel te weinig planten in. Kunstmatig - via filtering enz. - worden er ook nogal wat stoffen aan onttrokken. Dat je vissen in elke vijver absoluut niet zou hoeven voeren, lijkt mij dan ook lang niet altijd juist. Aan de andere kant vinden heel wat vijverproblemen hun oorzaak in te kwistig voeren. Het is dus een kwestie van kijken, je ogen de kost geven en handelen naar bevind van zaken. De omvang van de vissen en ook de gretigheid waarmee ze op geboden voer afkomen, moeten daarbij maatgevend zijn. Mijn bak draait sinds een paar maanden. Ik heb nog geen algen ontdekt. Alleen zie ik de laatste tijd steeds meer een algje, dat ze volgens mij baardalg noemen. Hij komt voor op de nana's en de stricta. Het is klein, rond en donker of groen en er komen kleine, korte draadjes van een paar millimeter uit. De ph is 7 - µS 269. Verder zijn er drie buizen: een Triton en twee tld 380, die 's morgens vanaf tien tot acht uur en tot elf uur branden. Wat is hieraan te doen buiten het wegknippen van de aangetaste bladeren? De alg is waarschijnlijk 'puntalg', die over zal gaan in baardalg. Eigenlijk is het dan een verschijnsel waar tot zes verschillende algsoorten bij betrokken kunnen zijn, waaronder Cladophora, Cheatophora en Compsopogon. Alle soorten kunnen alleen en op zichzelf staand voorkomen, maar veel makkelijke en vaker in combinatie met elkaar. Ze leven op het aanwezige fosfaat en nitraat. Vooral waar al nitraatafbraak plaatsvindt door middel van harsen, een bepaalde voedingsbodem, lavasteen, kurkschors, pur-achterwanden e.d. De bestrijding kan met goed resultaat worden aangepakt door de fosfaat- en nitraatspiegel omlaag te brengen. Enkele keren ingrijpend water verversen kan het gewenste resultaat al opleveren. Het fosfaat kan worden gebonden door te filteren over kokoskool. Bij een snellere plantengroei zal meer fosfaat worden gebruikt. Verhogen van het CO2-gehalte door een iets hogere pH, die kan worden bereikt door diffusie of iets minder licht. Eén lamp een halfuur per dag bijvoorbeeld. Ook valt succes te bereiken door plaatselijk boven de Anubias nana het aquarium af te dekken. Denk niet te gauw, dat een bepaalde manier van bestrijden geen succes heeft. Meestal duurt het verdwijnen ongeveer even lang als het komen. Klopt de naam van de zogenaamde peperzalm, Axelrodia stigmatias, een bijvangst van de kardinaal? Is er wat bekend over dit visje? Die is al geruime tijd bekend als aquariumvis. In Nederland zijn wij niet zo gretig met het gebruik van gewone namen. De naam peperzalm heb ik dan ook nog nooit gehoord. Die zal wel een regelrechte vertaling zijn van de in Duitsland gangbare naam Pfeffersalmer. Er is van alles over bekend. Hij dient te worden behandeld als alle zalmen, die zacht en lichtzuur water op prijs stellen. Tot heden (mei 2003) is hij nog niet nagekweekt. Het beestje na te kweken is dus een uitdaging voor elke serieuze aquariumliefhebber. Ik heb een aquarium van 120 x 40 x 40 met daarin tegen de achterwand een biologisch filter van 40 x 10. De bak draait nu al twee jaar (zeer goed). Alleen de inrichting van het rechter gedeelte ben ik nu iets aan het veranderen. Tegelijkertijd wil ik ook het vissenbestand wat aanpassen. Nu wil ik graag advies, omdat ik bang ben dat er al snel te veel vissen in de bak zitten (schuilplaatsten zijn er in ieder geval meer dan voldoende). Ik wil er een koppel Julidochromis ornatus, de schelpenbewoner Neolamprologus kungweensis (hoeveel?), Eretmodus cyanosticus (een paartje of een groepje?) en Synodontus petricola (hoeveel?) bij. In elk geval lijkt mij de combinatie van Julidochromis met de slakkenhuisbewoner geen optie. De Julidochromis kan en zal bij broed in de slakkenhuizen op rooftocht gaan. Ze komen in de natuur beide in de overgang van zandbodem naar litoraal voor. In de meeste gevallen weet de Julidochromis dan instinctmatig wat er te halen is. Het zal dus één van de twee moeten worden. Neolamprologus kungweensis is een facultatieve slakkenhuisbewoner, die eigenlijk voorkomt in het modderige gebied, zodat het graven van gangetjes van een centimeter of tien en een doorsnede van twee centimeter mogelijk is. In gebieden waar ook slakken voorkomen, worden de lege huizen ook als woning geaccepteerd. Midden in een territorium van ca vijftien centimeter in doorsnede wordt een kuil gemaakt of een slakkenhuis gekozen. Mannetje en vrouwtje verkiezen ieder een eigen woning. Daar valt genoeg uit op te maken. Echte sociale, facultatieve slakkenhuisbewoners zijn N. multifasciatus en N. similis. Eretmodus cyanosticus is een bewoner van de branding, zuurstofrijk water. Een behoorlijke beweging is dan gewenst. Vooral ook moet het water heel onbelast zijn. Ze zijn monogaam. Dat wil zeggen, dat ze zich aan één partner binden. Bovendien zijn ze ten opzichte van soortgenoten betrekkelijk onverdraagzaam. Houden als paar is dus aan te bevelen. Alleen in grote aquaria met veel rotsen zouden meer paren kunnen worden gehouden. Het zijn muilbroeders, waarbij mannetje zowel als vrouwtje eitjes en embryo's in de bek kan meevoeren. Als je ze aan gaat schaffen, is juist het vinden van een mannetje en een vrouwtje heel moeilijk. Je kunt nauwelijks verschil tussen beide geslachten waarnemen en al helemaal niet als ze nog niet volwassen zijn. Dan zul je toch moeten beginnen met een stuk of vijf exemplaren. Als zich een stel heeft gevormd, verwijder de resterende. Van Synodonts petricula zou ik er minimaal drie bij elkaar zetten. Voor nog wat informatie: http://www.fishnphoto.nl/actdier/0404/neosim.htm of home.wxs.nl/~maas0200/44.htm Ik heb een gezelschapsaquarium en een appelslak erin van ongeveer 6 cm groot. Maar het probleem is, dat die joekel al mijn planten opeet. Mijn vraag is: zijn er ook planten, die hij niet lust of negeert? Dat is de problematiek met vele appelslakken. Als ze klein zijn, vinden ze veelal nog wel voldoende voedsel in een aquarium. Naarmate ze groeien, verandert de voedingsgewoonte en behoefte. Ze willen meer plantaardige kost en meer voedsel. Met het bekende resultaat. Van Lobelia's wordt gezegd, dat ze giftig zijn - valt dus te proberen - en verder blijven ze misschien van taaie planten als Annubis en Javavaren af. Sinds een halfjaar heb ik een tropisch aquarium van honderd liter. Na drie maanden kreeg ik als ik thuiskwam kriebels in mijn haren. Oorzaak onbekend. Tot ik bij het voer geven bijna onzichtbare, kleine vliegjes uit de bak zag ontsnappen, die even later in mijn hoofdharen gingen kriebelen; urenlang een vreselijke plaag. Mijn aquariumwinkelier heeft geen oplossing, die onschadelijk is voor het vissenbestand. Weet u een middel voor dit probleem? Het probleem van vliegjes boven in de bak is wel bekend. Meestal zijn het geen vliegjes, maar dipluren uit de orde der Collembola. Ze lijken inderdaad wel op kleine vliegjes. Ze worden gekenmerkt door een gevorkt achterlijfdeel, dat normaal onder het lichaam gevouwen ligt. Daarmee kunnen ze zichzelf als een soort katapult wegschieten en voor zo'n klein beestje reusachtige sprongen maken. Dat ze zich zouden nestelen in de menselijke haardos, is ook voor mij weer iets nieuws. Ik adviseer om een paar oppervlaktevissen aan te schaffen, die met dergelijke beestjes wel raad zullen weten. Ik zag tot m'n grote verbazing, dat m'n twee garnalen aan het paren waren. Inmiddels draagt - naar ik vermoed het vrouwtje, de grootste van het stel - eieren bij zich. Ik ken de Latijnse naam van de garnalen niet. Ze zijn mij verkocht als transparantgarnalen. Zou u mij misschien kunnen vertellen, wat er verder gaat gebeuren? Hoe kan ik de jonge garnalen/larven het beste grootbrengen? Info aquarium: type: tropisch zoetwater afmetingen: 60 x 30 x 40 cm watertemp.: 25 graden medebewoners: schooltje vuurneons plus paartje Apistogramma cacatoides Ik neem aan, dat de garnaal ook min of meer transparant is als ze transparantgarnaal genoemd wordt. Ik veronderstel, dat het dan een soort Macrobranchium is, maar dat kun je eigenlijk niet weten. Er zijn al zeer veel garnalen in de aquariumhobby geïntroduceerd en het aantal neemt eigenlijk alleen nog maar toe. Maar het volgende kan misschien helpen: bij garnalen onderscheidt men over het algemeen twee voortplantingstypen. Eén, waarbij betrekkelijk weinig, relatief grote eieren onder het achterlijf van het vrouwtje meegedragen worden. Deze eieren komen uit. De jongen zijn in alles het evenbeeld van de ouders, alleen veel kleiner. Ze worden lang onder het achterlijf meegedragen. Als ze al redelijk zelfstandig zijn, zullen ze hun eigen gang gaan. Pas dan is het nodig aan voeren te gaan denken. Voor die tijd doet het ouderdier dat. Stofvoer, tabi-min, algenkost, plantenrestjes e.d. komen als voer in aanmerking. Bij het tweede voortplantingstype worden heel veel relatief kleine eitjes gelegd en meegedragen. Als deze uitkomen, bevinden ze zich in een larvestadium. Wat daar verder precies mee gebeurt, is nog een raadsel. Men neemt aan dat ze naar het zoute water meegevoerd worden en daar een tijdje pelagisch (als plankton in de volle zee) leven. Het zal duidelijk zijn, dat we daar (nog) niet veel in te willen hebben. Ik krijg mijn pH-meter niet meer geijkt. Al stel ik eerst de pH af op die van de ijkvloeistof (7) en daarna op die van 4, dan krijg ik mijn meter maar tot 5... Wat moet ik nu doen? Zo op een afstandje schat ik in, dat de voeler of sterk vervuild is of kapot. Dingen hebben natuurlijk ook het eeuwige leven niet. In het eerste geval kunt u ze voorzichtig schoonmaken. In het tweede geval zal er een nieuwe moeten komen. Een behoorlijk prijzige aangelegenheid. Is het u bekend, dat zo'n voeler het beste in ijkvloeistof kan staan als u de meter alleen thuis gebruikt? Moet u er vaak mee op sjouw, dan is enige zorgvuldigheid aangaande de voeler op z'n plaats. Dat betaalt zich terug. Je leest altijd over beuken- of eikenbladeren op de bodem. Zijn alle boombladeren geschikt? Alleen het gele, gevallen blad? Moet ik uitkoken? Ik ga mijn bak (130x50x50) verder inrichten als een biotoop van de Rio Essequibo met - op dit moment al - 25 vuurneons en vier stuks Ancistrus leucocyctus. Ik wil er een Apistogramma-man en twee of drie vrouwtjes bij doen. Planten zijn voornamelijk Javavaren, vastgezet op kienhout en wortelhout. In beginsel zijn alle bladeren van niet-giftige bomen geschikt. Er zijn twee dingen, die ik heel belangrijk vind: Herkenbare bladeren, die absoluut niet thuishoren in de streek of het werelddeel waar het aquarium een nabootsing van probeert te zijn, zou ik niet accepteren. Nog belangrijker is de houdbaarheid. Zijn ze maar kort onder aquariumomstandigheden houdbaar, dan blijf je aan het uitvangen en verversen. Dat komt de rust van de visjes niet ten goede. Zoek dus naar bladeren met een hoog looizuurgehalte en kook ze in in plaats van uit. Eiken- en beukenbladeren voldoen uitstekend. Eikenbladeren zijn wel heel herkenbaar. Even nog een opmerking tussen haakjes: (Javavaren hoort in deze biotoop ook niet thuis!) |